Pagina's

maandag 6 februari 2012

Dax: Van zwerver naar koning


                                                              Het ijskoude water van de Cevennes.
                                                         
25-07-2003. Lieve Juliana, schreef mijn zus op de kaart die ik van haar kreeg, Hier komt Max vandaan: ruwe bergen en woeste vlaktes van de Cevennes . De Cevennes is een natuurgebied 100 km ten N-O van Nimes in Frankrijk. Het gaat goed met Max: Hij is super speels en lief. Volgens de dierenarts is hij tussen de 8 en 11 maanden oud.  Liefs Zus.


Ik bekeek de voorkant nog eens. ,,Hmmm ziet er ruw uit’ zei ik zacht hardop. Zus had Dax gevonden tijdens haar vakantie in Frankrijk in de vroege ochtend uurtjes tijdens het hardlopen met haar herdershond Ber. Dax liep op de hete snelweg achter auto’s aan te rennen. Volgens zus zag hij er uit als een oude hond  want zijn haren leken zo wild. Ze nam hem mee omdat ze dacht dat iemand wel de hond zou missen. Nou gaat het in Frankrijk net even iets anders als in Nederland met honden. Dus toen zus bij de dierenasiels en locale boeren in de buurt was geweest kwam het besef dat Dax wel eens  zwerver kon zijn.


                                                                    De woeste vlaktes van de  Cevennes.



De dierenarts zei tegen zus dat zijn poten goed verzorgd moesten worden omdat de zwarte eelt voetkussentjes van Dax er als lapjes los zand bij lagen en daaronder zaten allemaal steentjes in zijn poten die allemaal uit de wond moesten worden gehaald. De dierenarts zei dat het wilde haar nog nest haren waren en dat Dax jong was. Dax was ondervoed en moest om het uur eten hebben en om het uur met zijn poten in een badje. Zus had het niet breed maar ontfermde zich manmoedig over Dax. Weg vakantie geld en weg vakantie. Dax was heel lief maar ook heel onhandig en erger nog hij had verlatingsangst in combinatie met een,’’ help, ik zoek een auto’’ tic . Dax was heel erg gek op zus maar als hij een auto zag kon en moest hij ineens er achter aan rennen want wie weet was dat de auto van zijn vroegere baas wel. En dus ging hij die auto achterna zoals hij de afgelopen maanden in zijn zwervers bestaan ook al had gedaan. Zus vond  hem dan kilometers verder op in een ander dorp weer terug. Zus sliep met haar vriend in een klein geleend 2 persoon tentje waar je alleen in kon liggen. Niet zitten, alleen liggen. Dax bedacht zich niet toen zus en vriend gingen slapen. Hij ging boven op het tentje liggen want dan wist hij zeker dat er niemand weg zou gaan. Dax vond het wel fijn bij zus en zus, haar  vriend en Ber besloten dat Dax mee zou gaan naar Nederland. Er moest wel wat van de campingspulletjes van zus achter blijven want anders kon Dax niet mee. In het hele kleine witte autootje vol geladen met mensen, 2 honden en het geleende tentje ging Dax naar Nederland. Dax blafte vol overgave de hele weg tot aan het huis van zus toe door. Aangekomen in Nederland ging zus naar de dierenwinkel. Dax en Ber mee. Dax stak meteen zijn poot omhoog  en liet zijn geur merk achter op een zak voer. Het bleek dat Dax niets gewend was. Niet een eigen huis, niet om binnen te zitten, geen winkels en vooral niet alleen zijn.



                                                     Dax tijdens de overdracht met zus 8,5 jr geleden.


Toen zus moest werken en Dax alleen thuis moest blijven bedacht hij zich niet en sprong door de ramen. Einde oefening vond zus en zo kwam Dax bij ons terecht. Bij ons werd  Max tot Dax omgedoopt. Dax is grote en een gevoelige hond. De eerste paar dagen bij ons bleef Dax maar hijgen en na 4 dagen, tijdens het uitgaan, zakte Dax van de stress door zijn grote hondenpoten. Arme Dax, het was hem allemaal teveel geworden. Hij kon niet meer. Letterlijk en figuurlijk. We zijn heel veel met hem gaan trainen en nu luistert Dax als de beste. Maar voor dat zover was heeft dat ons wel heel en heel veel tijd en geduld gekost. Tijdens de trainingen had hij alleen oog voor het hek bij de uitgang en als ik er niet bij stond te kijken dan deed hij helmaal niets. Hij bleef maar trekken als een wild paard en bleef maar in de vlucht modus staan. We hebben zus maar nooit verteld de talloze vlucht pogingen van Dax op zoek naar zus. Ook de nodige avonturen die we met hem hebben meegemaakt heb ik zus maar nooit verteld. (die zal ik uitgebreid een andere keer vertellen ) Het heeft jaren geduurd voor dat Dax zover was dat hij niet meer achter auto’s aan ging rennen en geen vuilnisbakken meer omver ging gooien,  geen appels van de fruitschaal meer jatte, of stiekem de bami uit de pan op at, of  andere honden omver liep, en vooral voordat hij ons echt helemaal vertrouwde. Dax is nu een grote lieve knuffel beer die niets liever wil dan bij baasje zijn. Bij vrouwtje wil hij ook graag zijn maar hij is echt een hond die helemaal voor de baas gaat. De roedelleider zullen we maar zeggen. Hij luistert als de beste. Hij woont nu als een koning met zijn mede ras genoten de beauceronnetjes Kaija en Poema gezellig en in harmonie bij ons thuis. Hij is af en toe nog steeds zwaar onhandig en doet met zijn grote poten soms dingen die hij nou net niet zou moeten doen maar dat maakt Dax helemaal Dax. Een goeie lobbes met vooral een goed hart.


                                                   Dax met Ber.


                                                 Kaija staat voor, dan Poema. Dax is de achterste en grootste hond.
                                                 Dax deed  tijdens de overdracht meteen helemaal mee.
                                                 Kijk maar foto beneden.



                                                   Dax is de voorste hond. Poema heeft de bal vast. 

zondag 5 februari 2012

De nachtelijke avonturen van Poema




Poema in de sneeuw.
 
Haast. Dat had ik. Zoals elke ochtend na een uitgebreide meditatie, honden uitlaten, huis stofzuigen en dweilen haastig snel op de fiets naar het werk. Het was koud en het miezerde wat. De winter kon deze week wel eens beginnen dacht ik.

Ik zag wat glinsteren op de weg en ik bedacht mij dat het wel glad kon zijn. Ik had dit nog niet gedacht of daar lag ik. Mijn net nieuwe fiets lag paar meter verder op. Nu 2 weken later kan ik niet veel met mijn been en moet ik noodgedwongen slapen op het logeerbed beneden. De trap op dat gaat nog niet. Beneden slaap ik dan met de 3 beauceronnetjes. Mijn hondjes. Heel gezellig en een ongekende luxe voor de hondjes en mij. Gezellig met een maar......

Vannacht ging ik vroeg slapen. Ik lag net lekker toen ik een piep hoorde van Poema.

Nee, dacht ik terwijl ik me nog maar eens omdraaide en net deed of ik het niet hoorde. Kreun, piep, piep,kreun. Jawel hoor, Poema moest een plas doen. Net uit geweest met Marten, lekker uitgelaten gespeeld in de sneeuw. Ennnnn... natuurlijk heel veel sneeuw gehapt ….de zwakke blaas van Poema begint op te spelen. Oke.. oke.. dacht ik met een diepe zucht. Ik kom er aan. Met mijn pijnlijk stijfe been kom ik moeilijk uit bed. Op de tast in het donker zoek ik mijn krukken. Waar is die legging. Zucht, ik voel de kou. Het lijk wel -20. Vervelende Poema. Na veel moeite, want ik kan natuurlijk niet zo snel mijn legging aan doen, op de krukken de sneeuw in. Ik bedenk mij hoe gelukkig wij ons zelf mogen prijzen om in de stad een tuin te hebben die direct grenst aan een gemeente vijver waar aan onze kant geen mensen kunnen lopen dus ideaal voor hondjes in nood.

Als ik na veel moeite bij de schutting deur ben rent Poema met veel plezier en in haar alerte Poema jachthouding het gras op. Niet om te plassen maar om te snuffelen. Snuffelen , snuffelen en nog eens snuffelen. Wordt ik hier voor het ooitje gehouden? Poema snuffelt alsof ze hier nooit komt. Poema vind het heel bijzonder al die geuren. En ja, het ijs is ook heel interessant om op te lopen. En ja hoor.... hier ruikt het ook lekker en laat ik eens even 50 meter verder op mijn best gaan doen om te ruiken wat er allemaal te ruiken valt.


Al die tijd sta ik te steunend op mijn krukken te wachten bij de schutting. Dit gaat zo rustig 20 min. door en al die tijd doet mevrouw dus niks he. Hee..le..maal niets. Geen plasje, gewoon niets. Ik ben er flauw van en heb het koud. Ben moe.
Een verdwaalde hondenwandelaar aan de overkant van de vijver probeert een praatje met mij te maken. Wel, nu niet hoor. Heb er geen zin in. Doe alsof ik de man niet zie en niet hoor. Dat kost niet veel moeite want ik slaap half, mijn been doet pijn en ik sta half naakt in mijn jas te vernikkelen.
Een praatje. Waarover! Ken de man helemaal niet. Je hebt wat gemeen. Je bent collega’s honden uitlater in de nacht. En dan mag je een praatje houden. Nee,... dus. Geen praatje. De man kijkt nog wat naar mij en na een tijdje draait hij zich dan toch maar om.

Zachtjes probeer ik Poema terug te roepen. Nu is het mevr. Poema die doet alsof ze niets hoort. Nog maar eens roepen.. Nee hoor, geen reactie. Oke, sorry buren, ik moet wat harder gaan roepen. Met een nu toch wel zeer geïrriteerde luide stem roep ik: Poema…! Ah, ze draait zich om en… nee .. ze blijft staan. Dit zijn dus getrainde honden die heel goed kunnen luisteren maar in de nachtelijke uren verandert er 1 hond van houding. En dat is Poema. Poema doet s’nachts haar naam eer aan. Ze verandert in een katachtige die de hele wereld moet besnuffelen en op zoek gaat naar…?? Iets heel interessants. Haar houding is zelfs katachtig.

Goed. Nu ben ik er flauw van. Ik heb het koud en ik wil naar bed. Met een nu toch wel zeer geïrriteerde stem roep ik hard Poooooeeemaaaa! Ja hoor,... daar komt ze aan. Ah nee .. schijn. Na 10 meter stopt ze. Ze ruikt weer iets heeeeel interessants.

Jeetje. Wat de buren er ook van denken …Jammer dan. Ik roep nu echt luid en kwaad POEMA! Kom hier! Mijn stem echoot na in de leegte van de nacht. Als de buren nu niet wakker zijn dan weet ik het niet. Ik hoor Marten vanuit zijn bed boven in het huis naar buiten hard ssjjjjjhhhhh roepen. Het geluid gaat door het openstaande raam naar buiten. Die is dus wakker.

Bij Poema lijkt mijn stem verheffing ook te helpen. Ze weet het. Nu wordt het menens. Daar komt mevrouw aan maar.. nee, nee , nee, neeeeeh … jawel hoor, ze loopt snel op een drafje langs me heen en gaat links van mij ook maar eens snuffelen. Ze kijkt mij aan met een blik van" dit gedeelte heb ik nog niet gehad, Juul. Dat moet ook nog."

Nu heb ik het gehad. Mijn ego heeft het ook gehad. Ik bedenk me niet en strompel er heen. Pak haar boos bij haar nekvel. Mee jij, zeg ik luid. Ik zucht, Ik mopper, ik mopper nog meer en ik vraag haar waarom ze geen plas doet en of ze wel weet hoe koud het is. En dat ik bijna geen kleren aan heb dan alleen een jas en schoenen en een legging. En of ze wel weet hoe moe ik ben en hoe moeilijk ik kan lopen. En of ze denkt dat ik dit voor de lol doe.

 
Daar gaat mijn naam als aardige spirituele buurvrouw. Want dit moet voor iedereen in de buurt te horen zijn. Voor mij aan, zeg ik met luide stem, en dat doet ze. Met een vrolijk hupje en staart kwispelend neemt ze nog wat happen sneeuw. Kijkt ’lachend’ om en begint als een jonge hond uitgelaten heen en weer te rennen. Ze weet van gekkigheid niet waar ze heen moet rennen. Om mij heen, de tuin in, langs de vijver. Kom op vrouwtje lijkt ze te zeggen. Speel met mij. Aaaargh,... helaas, ik kan er ook niet echt kwaad om worden. Poema houdt van sneeuw.

Als we binnen zijn zeg ik dat ik van haar baal en het niet leuk vind. Dat ik wil slapen en dat ze zich nu toch voor de rest van de nacht moet gedragen. Ik ga maar weer slapen en ik adviseer haar sterk dit ook te doen. De andere honden kijken slaperig op om vervolgens al zuchtend hun kop te laten zakken en weer verder te gaan slapen. Ik stap nu ook weer met mijn pijnlijke knie in mijn al afgekoelde bedje..

Ik lig nog maar net en je snapt het al.... Kreun, piep piep, kreun. Mevrouw moet plassen. Het hele ritueel herhaalt zich. En daarna in deze nacht nog 4 x. Gelukkig plast ze deze keren wel en heb ik niet helemaal het gevoel overgeleverd te zijn aan mijn vriendin haar nachtelijke grillen en liefde voor de sneeuw. Alhoewel,... mij bekruipt een bepaald gevoel.

Vanochtend dacht ik dat het toch fijn zou zijn als ik mijn been weer eens zou kunnen buigen en boven zou kunnen gaan slapen. Want hoeveel ik ook van mijn hondjes hou; ik ben Poema nu echt even zat. Ik kijk naar Poema en ze kijkt mij aan met haar allerliefste blik aan en het is net alsof ze zegt:,, wat is het s’nachts toch gezellig met jou''. Als Marten beneden komt en de hondjes wil gaan uitlaten om daarna naar zijn werk te gaan zeg ik chagrijnig en met luide stem:,, neem ze maar mee en breng ze voorlopig ook niet terug’’.

Alsof ze het horen. Alle drie komen ze eraan en willen ze door mij geaaid worden en kijken ze mij met een zo’n liefdevolle blik aan. Ik smelt. Bah,bah, bah,..Ik hou van mijn lieve honden.

 
Poema, Kaija en Dax.